Pope Benedict XVI: The Church is ‘on the verge of capsizing’

On July 15, 2017, Pope Benedict XVI sent a message at the funeral of Cardinal Joachim Meisner, in which he said that the Church was “on the verge of capsizing”.  The Pope Emeritus said that he was moved at the dubia cardinal’s ability to “live out of a deep conviction that the Lord does not abandon His Church, even when the boat has taken on so much water as to be on the verge of capsizing.”Bron: Pope Benedict XVI: The Church is ‘on the verge of capsizing’

Voorbereidingstekst landelijke gebedsdag zaterdag 15 juli 2017:  Martha en Maria  

Beheerder Website's avatarLegioen Kleine Zielen van het Barmhartig Hart van Jezus.

Gebedsdag 15 juli 2017Bidden zinloos?

Menig mens beweert dat bidden overbodig is geworden, een nutteloze bezigheid. Werken, bezig zijn met mensen, produceren, dat alles vindt gemakkelijk instemming.

Martha en Maria

Bij de evangelist Lucas lezen wij de wondere geschiedenis van Martha en Maria (Lc.10,38-42), waarvan het verhaal gekend is: “terwijl Martha in beslag genomen werd door het vele bedienen.

Sommige moderne mensen vinden zich gemakkelijker terug in de persoon van Martha en moeten noodgedwongen ernstige bezwaren koesteren jegens Maria. Volgens de economische normen presteert Martha wel en Maria niet, is Martha dus één en al werkdadige liefde voor Jezus en Maria in feite liefdeloos, want de eerste spijzigt de hongerige Jezus, terwijl het de tweede blijkbaar niet deert dat Hij honger lijdt.

Martha uit haar kritiek aan Jezus als volgt: “Heer, trekt Gij het u niet aan dat mijn zuster mij alleen de bediening overlaat?

Een tegendraads antwoord

Indien…

View original post 1.363 woorden meer

Kardinaal Müller eruit, maar de echte aanval is gericht tegen “Veritatis Splendor”

Kardinaal Müller, de prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, is door paus Franciscus de laan uitgestuurd. De audiëntie waarin dat gebeurde, duurde, volgens de kardinaal zelf, slechts een minuut en was zonder opgaaf van redenen. Kardinaal Müller betwist niet het recht van de paus hem te ontslaan maar wel de de weinig humane manier waarop dat gebeurde. De paus zou zich toch ook aan de sociale leer van de Kerk dienen te houden. Kardinaal Müller is altijd loyaal geweest aan paus Franciscus maar hij heeft wel gezegd dat zelfs een paus de leer van de Kerk niet kan veranderen en dat Amoris Laetitia uitgelegd moet worden in de lijn van de traditionele leer en dat dus mensen die in publiek overspel leven niet zonder bekering de communie kunnen ontvangen. Dat is blijkbaar te veel. Degene die in de Kerk te taak heeft de leer te bewaken, moet volgens Franciscus zijn mond houden, zelfs als de leer in gevaar is. Het is bekend dat voor zover de Congregatie voor de Geloofsleer de tekst van de stukken van Franciscus tevoren te zien kreeg, de opmerkingen van de Congregatie door de paus werden genegeerd. Ik zei laatst tegen een collega: “de paus lijkt wel een linkse Zuid-Amerikaanse dictator”. Deze antwoordde: “maar dat is hij ook. Hij heeft niet voor niets zoveel sympathie voor velen van hen”. In dat dictatoriale optreden paste ook het plotselinge ontslag enige tijd geleden van enkele naaste medewerkers van kardinaal Müller. Toen deze vroeg: “Maar waarom, heilige vader?”, antwoordde Franciscus: “Ik ben de paus, ik kan doen wat ik wil.”

Sandro Magister ziet in het ontslag van kardinaal Müller een aanval op de leer zoals die verkondigd is door paus Johannes Paulus II in zijn magistrale encycliek Veritatis Splendor. Franciscus houdt niet van de katholieke moraal die volgens hem te weinig aansluit bij het “echte” leven. Hierin past ook de ontmanteling van de instituten voor het gezin (waar in de naam zelfs Johannes Paulus II is geschrapt) en het leven. In beide instituten worden dubieuze figuren benoemd zoals voorstanders van abortus en mensen die werken met menselijke stamcellen.

 

Commentaar van Sandro Magister – 5 juli 2017

Op zondag 2 juli, de dag zelf waarop paus Franciscus kardinaal Müller afzette als prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, steeg vanuit alle katholieke kerken van de Romeinse ritus aan het begin van de Mis het volgende gebed op naar God. Dit gebed heet in het missaal het “collectagebed”:

“Deus, qui, per adoptionem gratiae, lucis nos esse filios voluisti, praesta, quaesumus, ut errorum non involvamur tenebris, sed in splendore veritatis semper maneamus conspicui. Per Dominum nostrum…”

In de officiële nieuwe Nederlandse vertaling:

“God, Gij hebt ons genadevol aangenomen en gewild dat wij kinderen van het licht zijn, wij bidden U: dat wij niet omgeven worden door de duisternis van de dwaling maar altijd stand houden in het schitterend licht van de waarheid. Door onze Heer…..”

Toeval – of Goddelijke voorzienigheid? – heeft ervoor gezorgd dat de afzetting van kardinaal Müller begeleid zou worden door de gezongen liturgische bede dat “het schitterend licht van de waarheid” de Kerk mag blijven verlichten.
“Het schitterend licht van de waarheid” is nu juist de titel van de belangrijkste leerstellige encycliek van Johannes Paulus II, gepubliceerd in 1993.

Het is een encycliek “over enkele fundamentele vragen betreffende de morele leer van de Kerk”: juist de vragen die nu terugkeren en opnieuw een voorwerp van conflict zijn waarbij grote en invloedrijke delen van de Kerk betogen dat het tijd is – met name na de publicatie van “Amoris Laetitia”- enkele van de leidende principes van “Veritatis Splendor” achter ons te laten. Het is voldoende te constateren dat niet minder dan vier van de vijf “dubia” die in september van het vorig jaar aan paus Franciscus zijn voorgelegd door de kardinalen Walter Brandmüller, Raymond L. Burke, Carlo Caffarra en Joachim Meisner juist betrekking hebben op de samenhang of het ontbreken ervan tussen “Amoris Laetitia” en “Veritatis Splendor”. En deze “dubia” zijn nog steeds open vragen, voor een deel vanwege de weigering van paus Franciscus om ze in overweging te nemen en de weigering om de vier kardinalen te ontmoeten.

Maar wat was de ontstaansgeschiedenis en het doel van “Veritatis Splendor”? Om deze vraag te beantwoorden hebben we een uitzonderlijke getuige: Joseph Ratzinger. Als Müllers voorganger aan het hoofd van de congregatie voor de Geloofsleer droeg hij op substantiële bij aan het schrijven van deze encycliek. Maar zelfs na zijn terugtreden als paus blijft hij “Veritatis Splendor” beschouwen als “van onveranderde betekenis” en een encycliek die men ook nu nog “moet bestuderen en zich eigen maken”.

In 2014 wijst Ratzinger in een weloverwogen hoofdstuk voor een boek ter ere van Johannes Paulus II geen ander dan “Veritatis Splendor” aan als de belangrijkste en meest relevante van de veertien encyclieken van deze paus. Een hoofdstuk dat verdient herlezen te worden in het licht van wat er nu in de Kerk aan het gebeuren is onder bewind van zijn opvolger Franciscus.

Hier volgt de passage die de emeritus-paus wijdde aan die encycliek:


Over “Veritatis Splendor”

De encycliek over morele problemen “Veritatis Splendor” had vele jaren nodig om te rijpen en zij blijft van ongewijzigde betekenis. De Constitutie van Vaticanum II over de Kerk in de wereld van vandaag wilde in tegenstelling met de tendens in de moraaltheologie toen om zich te focussen op de natuurwet, dat de katholieke moraalleer een bijbelse fundering zou krijgen rond de figuur van Jezus en zijn boodschap. Met horten en stoten heeft men dat gedurende een korte periode geprobeerd. Dan vatte de mening post dat de Bijbel geen eigen morele boodschap heeft maar verwijst naar morele modellen die geldig zijn voor hun tijd en plaats. Moraliteit is een kwestie van de rede, zei men, niet van geloof.
Zo verdween enerzijds de moraliteit begrepen in termen van natuurwet, maar een christelijke opvatting van moraliteit kwam er niet voor in de plaats. En omdat noch een metafysische noch een christologische fundering voor de moraal kon worden geaccepteerd, nam men zijn toevlucht tot pragmatische oplossingen: een moraliteit vanuit het principe van het streven naar het grotere goed, waarin iets niet langer echt kwaad of echt goed is, maar alleen iets dat uit het oogpunt van doelmatigheid beter of slechter is. De grote opgave die Johannes Paulus zich stelde in deze encycliek was de herontdekking van een metafysische fundering in de antropologie, ook als een christelijke concretisering van het nieuwe mensbeeld in de Heilige Schrift. Het bestuderen en het zich eigen maken van deze encycliek blijft een grote en belangrijke plicht.

Als we zien wat er vandaag de dag in de katholieke Kerk gebeurt, zelfs op het hoogste niveau, dan zien we dat alle motiveringen voor de encycliek “Veritatis Splendor” opnieuw aanwezig zijn, met dezelfde zo niet grotere dramatische kracht. En zij maken meer dan ooit de bede relevant dat wij mogen blijven in “het schitterend licht van de waarheid” die vorige week uit alle kerken opsteeg.

Vertaling C. Mennen pr

De protestantisering van de Katholieke Kerk

Maandag 3 juli 2017, door Harry Prins

Vanaf 2 juli leidt kardinaal Gerhard Müller niet langer de Congregatie voor de Geloofsleer in het Vaticaan. Paus Franciscus zegde Müller de wacht aan en verlengde zijn termijn niet. De actie typeert de houding van de paus, die weinig op heeft met de traditionele katholieke gelovigen. Franciscus noemt de Kerk een ‘veldhospitaal’ en transformeert langzaam maar zeker de Kerk tot een actiecentrum. Met zijn optreden handelt de paus in de geest van de nieuwe katholieke theologie, die na het Tweede Vaticaans Concilie zoveel invloed kreeg.

Het was nota bene een gereformeerde predikant die op pijnlijke wijze die theologie van de jaren zestig fileerde. In een brochure (jaar van uitgave 1969) in de reeks ‘Reformatorische stemmen’, een uitgave van de Willem de Zwijgerstichting, analyseert dominee en hoogleraar Willem Velema de “tendensen in de huidige rooms-katholieke theologie”. De titel geeft de richting van die analyse al aan: ‘Op weg naar een nieuwe vrijzinnigheid?’.

Kern van de kritiek van Velema is dat de nieuwe rooms-katholieke theologie niet God, maar de mens centraal stelt. “Men gebruikt het begrippenapparaat en de denkwereld van de geseculariseerde, moderne mens. De bijbelse boodschap kan slechts dáárbinnen een plaats krijgen en mag alleen dáárbinnen functioneren,” schrijft Velema. “De boodschap kan zó weinig anders zijn dan een in dienst van deze mens staan, in plaats dáárvan dat hij dóór God ten dienste van deze mens gesteld wordt.”

Katholieke theologen als Hans Küng, Karl Rahner, Armand Fiolet en velen na hen, verdedigden deze insteek op de rol van de mens vanuit de gedachte dat de moderne, geseculariseerde mens geen boodschap heeft aan de transcendente God. Fiolet bijvoorbeeld zet volledig in op de mens: in hem is God, in de persoon van Jezus Christus, aanwezig. Velema schrijft hierover: “Zijn mens-zijn [Christus] met ons laat zien, dat ons mens-zijn met de ander een Godsontmoeting is”. Kern is de gedachte dat de verlossing niet teweeg wordt gebracht door het offer van Jezus Christus, maar door het mens-zijn. Vergeving van zonden is niet noodzakelijk, het gaat om “waarachtig mens-zijn”. Niet Golgotha, maar Bethlehem is het uitgangspunt van de nieuwe theologie.

“Waar we menselijkheid aantreffen, daar is God,” schrijft Velema. In de kerk zingt men met regelmaat het lied “Waar vriendschap is en liefde, daar is God”. Het lied vertolkt dezelfde gedachte: menselijkheid, humaan optreden, ‘God in het gelaat van de ander’ (Levinas). Die gedachte sluit één weg naar het heil dan ook uit. Er zijn meerdere wegen die naar het heil leiden, in de nieuwe katholieke theologie geformuleerd als ‘de algemene goedheid van de menselijke natuur’. Het licht schijnt niet alleen in het christendom, maar ook in andere godsdiensten en levensbeschouwingen. Er is geen sprake van een Katholiek geloven, maar van een vaag seculier humanisme. Zie hier de bittere vruchten van het Concilie.

Het venijn in de nieuwe theologie zit volgens Velema onder andere in de wijze waarop deze theologen hun gedachten aan papier toevertrouwen. Over Fiolet constateert hij dat het eigenlijke van Fiolet’s werk niet begrepen kan worden. De abstracte en betoverende zinnen – deze theologen beoefenen een vorm van magie – bevatten vrijzinnige gedachten, maar een uitgesproken verzet tegen de orthodoxe leer zal de lezer niet aantreffen. Dat wisten de nieuwe theologen treffend te omzeilen. Een Franse theoloog/priester, die een decennium na de brochure van Velema een aantal boeken publiceert waarin hij zelfs de orthodoxe leer vaarwel zegt, weet in betoverende taal de lezer – humanistisch en geseculariseerd – te bedwelmen en te verleiden tot zijn ketterse gedachtegoed. Jacques Pohier, dominicaan (uiteraard), uitgetreden in 1984, weet in ‘God in fragmenten’ (1985) deze zinnen op te schrijven: “Maar ik moest ontdekken dat de weg verkeerd was. Of liever, dat er iets anders moest gebeuren vóóŕ de weg gevonden werd:
niet een andere voorbereidende fase, maar eerder een andere aarzeling, een andere rustperiode, een ander in elkaar storten van de stevigste grond. Een andere ontbinding. Die van het feit zelf God te zeggen. Die van het feit zelf God te kunnen zeggen. Niet van het feit God te willen zeggen. Maar die van het feit dat God zegbaar zou zijn. De ontbinding van God voor zover hij zegbaar zou zijn. Als God, volgens Eckhart, God wordt als mensen God zeggen, dan gaat het in zekere zin over de ontbinding van God”.

Je durft nauwelijks te denken aan al die katholieken (en niet-katholieken) die dit gif hebben gedronken. Die de kerk verlieten, een kerk die het sacrament van boete en verzoening afgeschafte, een kerk die de knielbanken verwijderde, een kerk die alleen nog zingt over ‘vriendschap en liefde’. Een humanistische eredienst, waarvoor orthodox-gereformeerden – die hun eigen strijd met humanisten als Kuitert moesten voeren – al in de jaren zestig van de vorige eeuw waarschuwden. Het lijkt erop dat de nieuwe theologen, onder de huidige paus, 50 jaar na dato alsnog winnen.

Bron: http://echtkatholiek.blogspot.nl/2017/07/de-protestantisering-van-de-katholieke.html


 

Video: Ongewenst zwanger? Je hebt opties

Heilig Landstichting, 26.06.2017

Geachte lezer,

Heel wat abortussen worden gepleegd uit wanhoop. ‘Het is erg, maar ik kan niet anders’, of: ‘Als ik dit niet doe, kan ik nooit meer studeren’. Erger nog is als de familie of partner aandringt op abortus.

Je hebt opties
Wij moeten wanhopige vrouwen perspectief bieden. Hen laten zien dat hun wereld niet ophoudt te bestaan als zij vóór het leven van hun kind kiezen. Daarom heeft Stirezo de korte pro-life film You have options voorzien van Nederlandse ondertiteling en gepubliceerd op YouTube. Je hebt opties, zoals de Nederlandse versie heet, moet wanhopige vrouwen hoop geven. Je hoeft niet te aborteren, je kunt en mag je kind houden!

Kiezen voor kindje
Wij willen Je hebt opties zo breed mogelijk verspreiden, zodat ongewenst zwangere vrouwen hem zien en kunnen kiezen voor het kindje, ofwel door het zelf op te voeden met hulp van anderen, ofwel door het te laten adopteren in een van de vele liefdevolle gezinnen die hierop wachten. Tegelijkertijd horen ze het verdrietige verhaal van een vrouw, die uit angst gekozen heeft voor abortus en haar kindje moet missen. Je hebt opties moet echter niet alleen gezien worden door ongewenst zwangere vrouwen. De korte film kan ook het brede publiek laten zien dat abortus nooit noodzakelijk is en dat er altijd alternatieven zijn.

Help ons!

Stirezo wil met de korte film Je hebt opties breed adverteren op sociale media. Adverteren kost geld. Help met een donatie. Zo steunt u de ongewenst zwangere vrouwen en de bedreigde ongeboren kinderen. De verspreiding van de korte film steunen met een donatie kan HIER.

Het filmpje bekijken kan door hier te klikken:
https://www.youtube.com/watch?v=ttB67zA-unA

Gepubliceerd op 15 juni 2017.

Wanneer je ongepland zwanger raakt, kun je je soms geen raad meer weten. Ook de vrouwen in deze korte film is dat overkomen. Ze geven jou, die nu in deze situatie bent, advies over de mogelijkheden die er zijn. Er is hulp beschikbaar. Aarzel niet contact op te nemen, wij kunnen je helpen. Je hoeft het niet alleen te doen.

Telefoonnummer hulplijn: 035 – 621 42 05 (tijdens kantooruren).

Met vriendelijke groet,

Frans van Winden
Voorzitter van Stichting Recht Zonder Onderscheid


Mennen: Opnieuw een brief van de vier kardinalen aan de paus – ook nu geen antwoord

Hieronder een samenvatting van Sandro Magister en de brief van de kardinalen.

Sandro Magister
20 juni 2017

Zeven maanden na de “dubia” heeft paus Franciscus in het midden van de afgelopen lente weer een brief van dezelfde vier kardinalen ontvangen die was ondertekend door Carlo Cafarra in naam van de andere drie: Walter Brandmüller, Raymond L. Burke en Joachim Meisner.

En ook op deze brief evenmin als tevoren op de “dubia” heeft hij geantwoord. De vier kardinalen vragen de paus om een audiëntie. Om met hem te spreken over de verdeeldheid die “Amoris Laetitia” heeft gebracht en over “de situatie van verwarring en ontreddering” die erop volgde in een groot deel van de Kerk. De brief was in de handen van Franciscus op 6 mei. Maar het zo lang uitblijven van een antwoord heeft de betekenis ervan vergroot. Zoals reeds gebeurde met de “dubia”, denken de vier kardinalen nu dat het goed is dat de brief ter overweging wordt gegeven aan heel het “volk van God”, van waaruit de vraag naar verheldering komt waaraan zij stem geven.

 

Mennen: ‘De kathedraal weer op kleur’

“Beter ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald”, zegt het spreekwoord. Daarom zijn we blij dat Mgr. de Korte alsnog de oecumenische gebedsviering op 24 juni in de St.-Janskathedraal heeft afgeblazen. We zijn dankbaar voor zijn moed.
Minder dankbaar ben ik voor het feit, dat hij de zwartepiet hiervoor als het ware neerlegt bij de verontruste gelovigen en priesters. Het is dus niet zo, dat de bisschop zegt: een dergelijke viering hoort niet thuis in een katholieke kerk. Hij zegt alleen dat het doorgaan van de viering veel emoties oproept bij een deel van de gelovigen en de priesters. Het gaat niet door omdat de bisschop de verdeeldheid niet verder aan wil wakkeren.
Wat je had kunnen verwachten, gebeurt nu. Abt Dennis Hendrickx van de abdij van Berne in Heeswijk heeft zich tot spreekbuis gemaakt van die andere groep die nu teleurgesteld is omdat de viering niet doorgaat. Hij schrijft:
Uw besluit voor toestemming tot en medewerking aan de oecumenische gebedsdienst op 24 juni a.s. heeft – zo schrijft u – religieuze gevoelens van tal van katholieken geraakt. Dat zal zeker het geval zijn en dat valt natuurlijk te betreuren omdat dat geen doel op zich was en mag zijn. Maar met de intrekking voelen vele anderen zich nu nadrukkelijk in de kou gezet. Het is maar de vraag welke eenheid er nu geweld aangedaan is en wordt.
Inderdaad, de abt heeft gelijk als hij zegt dat de “lieve vrede” of de eenheid binnen de kerk hier geen echt argument kan zijn. Je trapt immers altijd mensen op hun hart. Dat laat zich in de kerk van vandaag bij iedere belangrijkere bestuurlijke beslissing nauwelijks vermijden.
De vraag kan en mag alleen zijn: is een beslissing juist op grond van de uitgangspunten van de katholieke Kerk. De bisschop heeft in zijn Pinksterbrief de leer van de Kerk rond (homo)seksualiteit duidelijk beschreven. Dat was een goede stap, zeker als je bedenkt dat de “andere kant” bij monde van abt Hendricks het ook een fijne brief vond: die ons een warm gevoel heeft gegeven van betrokkenheid en pastorale nabijheid.
Als je werkelijk de moraal van de Kerk onderschrijft, dan is het heel wel mogelijk en zelfs goed dat je een gesprek aangaat met groepen uit de LGBT wereld, zeker met personen die bij de katholieke Kerk willen horen maar het is wel onmogelijk om iets kerkelijk te vieren wat in zijn gedragingen, zoals door die groep gepropageerd, zondig is en daar een zegen over te geven. We hebben geen kerken om de zonde te vieren. Je kunt niet enerzijds met de mond de leer van de Kerk onderschrijven en die anderzijds door praktische toegeeflijkheid weer onderuit halen.
Er zou niets op tegen zijn als katholieke homoseksuelen in de kerk bij elkaar zouden komen om Gods kracht en bijstand af te smeken om kuis te kunnen leven. Maar dat lijkt niet bepaald de bedoeling en daarmee staat alles in complete tegenstelling met de Pinksterbrief van de bisschop.
We hebben vernomen dat plebaan van Rossem toch zijn medewerking zal verlenen in de protestantse kerk. Dat is om reden van het boven geschilderde ongepast en onbegrijpelijk. We zullen uit de verslagen wel kunnen opmaken met hoeveel eerbied er over de standpunten van de katholieke Kerk is gesproken. Ik ben bang dat het niet veel meer zal zijn dan bij een dergelijke oecumenische viering in Eindhoven enkele jaren geleden die u hier kunt bekijken en waarbij u hier mijn commentaar nog kunt nalezen.
19 juni 2017

Paus heeft commissie aangesteld om Humanae Vitae te “herinterpreteren” in het “licht van Amoris Laetitia”

Vorige maand waren er reeds geruchten, maar nu werden die geruchten bevestigd: paus Franciscus heeft effectief een commissie aangesteld om Humanae Vitae te “herinterpreteren” in het “licht” van het document “Amoris Laetitia.”

Roberto de Mattei schrijft: “Het zal aan Mgr. Gilfredo Marengo zijn, professor aan het Johannes Paulus II-instituut, coördinator van de commissie, benoemd door paus Franciscus om de encycliek Humanae Vitae door Paulus VI te “herinterpreteren”, ter gelegenheid van de 50ste verjaardag van de uitgave ervan, die volgend jaar valt. De initiële geruchten van het bestaan van deze commissie, die nog geheim is, en bericht door de Vaticaanse verslaggever Marco Tosatti, waren van een betrouwbare bron.” De Mattei bevestigt nu zelf het bestaan van deze commissie…  Lees hier verder:  Commissie om Humanae Vitae te “herinterpreteren” in het “licht van Amoris Laetitia”