Categorie: Algemeen
27ste zondag door het jaar, B, 2018
Inleiding
De eerste lezing van deze zondag is genomen uit het scheppingsverhaal volgens het boek Genesis. Aan het eind van de voorafgaande vijf scheppingsdagen staat daarin telkens opgetekend: ”… en God zag dat het goed was”. Nadat God de mens geschapen had op de zesde dag, horen we echter in de eerste zin van de eerste lezing van vandaag, dat God zag dat het niet goed was. Pas na het scheppen van de vrouw als een “hulp die bij hem past” is de mens als man en vrouw een complete en onverbreekbare eenheid naar Gods bedoeling. Die bedoeling van God wordt door Jezus in het heilig evangelie van vandaag nog eens nadrukkelijk bevestigd en is door de Kerk van alle eeuwen als constante leer verkondigd, waarvoor zelfs velen bereid waren de marteldood te sterven. Als we ons ervan bewust zijn dat we Gods bedoelingen over huwelijk, seksualiteit en gezin te…
View original post 1.520 woorden meer
Abonnement en kennismaking nieuw tijdschrift: ‘Legioen Kleine Zielen Nederland’
Landgraaf, 17 maart 2017, door eindredacteur pastoor Geudens

Bezoekers website LKZ NL
‘Legioen Kleine Zielen Internationaal’, veruit de meeste bezoekers van de website komen uit de volgende landen:
1. Nederland 52 %
2. België 34 %
3. Amerika 7,8 %
4. Duitsland 1,5 %
5. Ierland 1,3 %
Voorwoord Nieuw Tijdschrift
De Boodschap van de Barmhartige Liefde aan de Kleine Zielen is een dialoog tussen Jezus, onze Verlosser en Marguerite, een eenvoudige moeder. Deze Boodschap heeft een grote invloed doordat zij reeds in 21 talen vertaald werd en in 91 landen verspreid. Zij kent een groot succes, omdat zij een zuivere weerklank is van de H. Schrift.
Jezus zegt tot Marguerite: “Deze handleiding voor het geestelijke leven is in het bereik van ieder verstand en Ik ben erop gesteld alle kleine zielen te treffen. Want Ik verwacht veel van hun edelmoedigheid.“ (Boodschap 24.6.67)
Jezus: “Ik ben u geen nieuwigheden komen leren. Wie hoopt in deze Boodschap ‘openbaringen’ te vinden zal ontgoocheld zijn. Bezorgdheid om gebed en boete, zelfovergave aan de liefde: ziedaar wat Ik u opleg.” (Boodschap 12.2.67)
In de ‘Boodschap van de Barmhartige Liefde van het Hart van Jezus aan de Kleine Zielen’ roept Jezus de mensen, zijn schepsels, op tot liefde. Liefde is volgens Jezus de enige remedie voor het kwaad dat de wereld teistert en dat zelfs in zijn Kerk tweedracht zaait. De verschrikkelijke storm, die door de haat wordt aangewakkerd, kan alleen maar verdwijnen door de adem van de Liefde. De Redder rekent op ons om Hem daarbij te helpen. Het is aan elke ‘kleine ziel’ om mee te doen aan zijn goddelijk spel.
Mijn eerste kennismaking met het Legioen Kleine Zielen was in 1977. In 1978 ben ik meegegaan met een bedevaart naar Chèvremont samen met een groep Kleine Zielen Eindhoven. Marguerite heb ik horen spreken in een grote overdekte tent.
In april 2010 ben ik gevraagd door de gebedsgroep Kleine Zielen Eckelrade om aldaar de maandelijkse gebedsmiddagen als priester te begeleiden. Van het een kwam het ander. Ik verheug mij erover met de Kleine Zielen verbonden te zijn. In december 2012 is de Stichting met een website begonnen, welke ik nu beheer. In december 2016 vroeg de voorzitter van dezelfde Stichting om mijn medewerking voor het verzorgen van een nieuw op te starten tijdschrift. Na een korte aarzeling heb ik ja gezegd.
Het eerste exemplaar van dit tijdschrift hebt u nu in handen. Met dit tijdschrift wil de Stichting Legioen Kleine Zielen Nederland meewerken aan het werk welke Jezus begonnen is met Marguerite, namelijk om zijn liefde van zijn Barmhartig Hart bekend te maken aan de mensen, met name aan de kleine zielen.
“Het Legioen Kleine Zielen helpt ons in het bijzonder om in een grotere intimiteit met Jezus te leven, iets waarnaar iedere gelovige zou moeten streven, ook de meest vurige mariale ziel. Het doel van de Boodschap is juist: ons binnenleiden in deze onuitsprekelijke intimiteit, ons tonen hoe we Onze Lieve Heer steeds meer kunnen beminnen en ons door Hem laten opvoeden. En dit te midden van de moeilijkheden van deze tijd”.
Ik wil u vragen om voor dit nieuwe initiatief te bidden. Dat de Heilige Maagd Maria ons moge helpen; en dat de H. Geest ons moge inspireren! Moge dit tijdschrift een middel zijn waarmee we onze gebedsgroepen van Nederland kunnen ondersteunen en opbouwen. Ik hoop tenslotte dat veel mensen mogen ontdekken dat ze geroepen zijn als Kleine Ziel te gaan leven…
Pastoor Geudens
Wilt u het tijdschrift bij u thuis ontvangen?
Voor Nederland: Kosten van een jaarabonnement is 12,– Euro (uitgave 3 maal per jaar: in april – augustus – december)
Opgave abonnementen:
p/a Mevrouw Beurskens – van de Rijdt,
Rijksweg 90,
5941 AH Velden
Opgave per E-mail: hbcb@hetnet.nl
Britse journalist Irak: 70% Yazedi’s vermoord, verkracht of verhongerd
Boodschap ISIS aan christenen: ‘We weten waar jullie wonen, wat jullie doen, en zullen jullie vinden en vermoorden’

Duizenden Yazedi vluchtelingen zijn alles kwijtgeraakt en emotioneel kapot.
Terwijl het ‘politiek correcte’ Nederlandse links-liberale kabinet nog altijd weigert om de slachting van de Yazedi’s door moslims van ISIS als genocide te bestempelen, meldt een Britse journalist Jonathan Krohn dat tot 70% van de Yazedi gemeenschap in Irak inmiddels is vermoord, verhongerd, gestorven van uitputting of verkracht. Krohn spreekt van een letterlijke ‘doodsvallei.’ Zoals gewoonlijk –kijkt u maar in de geschiedenisboekjes- doet het slappe Westen pas iets als het veel en veel te laat is.
The Chevra חי וקים נורא ומרום וקדוש
Chai – The Chevra
.חי וקים נורא ומרום וקדוש
Living & Enduring One, Awesome, Exalted, and Holy!
High and Mighty, forever Holy, the One and Only Bashefer (Creator),
King and Father, there is no Other, we’ll turn to You forever!
Bron: TheChevra.com/cover.jpg
For More Information About The Chevra:
www.thechevra.com
St.lt. .n D.n H..g
St.lt. .n D.n H..g
stilte in Den Haag
is soms ver te zoeken
toch kan zij
zomaar
om de hoek
gevonden worden
van oudsher
zijn godshuizen
vindplaatsen
van stilte
en ontmoeting
met wie ons
te boven gaat
de taal
die God het best verstaat
is
de stille taal
van liefde
schreef Johannes van het Kruis
wie
voor een ogenblik
woorden
van deze taal
wil spellen
is welkom
in de godshuizen
van Den Haag
zij bieden gelegenheid
voor
stil gebed
het aansteken
van een kaars
voor een moment
van rust
ruimte
Pofetie uit 1968
Profetie 90 jarige vrouw uit Noorwegen in 1968
Een oude vrouw van 90 uit het plaatsje Valdres in Noorwegen heeft in 1968 een visioen van onze Heer Jezus ontvangen. De evangelist Emanuel Minos hield in die tijd diensten in haar woonplaats en hij heeft de mogelijkheid gehad om haar te ontmoeten; zij vertelde hem wat ze had gezien. Hij schreef dit op, maar bedacht zich dat het dermate onbegrijpelijk was, dat hij het maar in een lade opborg. Na zoveel jaren begreep hij, dat hij die ‘openbaring’ met anderen moest delen.
De vrouw uit Valdres was een behoedzame, betrouwbare en wakkere vroom mens, met een goede reputatie. Ze zag het volgende:
“Ik zag de ‘tijd’ kort voor de komst van de Heer Jezus Christus en het uitbreken van de derde wereldoorlog. Ik zag de gebeurtenissen met mijn natuurlijke ogen en de wereld als een soort van globe en ik zag Europa, land voor land. Ik zag Scandinavië, Noorwegen en bepaalde dingen, die zouden plaatsvinden, net vóór de wederkomst van Jezus, vlak vóór de laatste ramp, die zou plaatsvinden, zoals we die nog nooit ervaren hebben.
Eerst is er, vóórdat Hij komt en vóórdat de Derde Wereldoorlog uitbreekt, sprake van een ‘ontspanning’, een periode van rust en welvaart – zoals we die nog nooit eerder beleefd hebben. Er zal vrede zijn tussen de supermachten van Oost en West en er zal sprake zijn van een lange vrede (merk echter hier op dat deze vrede ná de koude oorlog tussen Oost en West plaatsvond). In deze periode van vrede is er sprake van ontwapening in vele landen, ook in Noorwegen; wij zijn dus niet voorbereid als er een oorlog uitbreekt. Deze oorlog zal beginnen op een wijze die niemand voor mogelijk houdt én vanuit een niet verwachte locatie.
Een lauwheid zonder weerga zal de christenen in de greep houden, evenals een afglijden van de waarheid. Christenen staan niet meer open voor diepgaande en doordringende prediking. Ze willen niet meer, zoals in voorgaande tijden, horen van zonde en genade, wet en evangelie, berouw en bekering. Er komt een soort van surrogaat, een vervanging voor in de plaats: een ‘welvaartsevangelie’. Het meest belangrijke aspect zal zijn: ’succes’; ‘hebben’; ‘wat betekenen’; en ‘materiële zaken te vergaren’; zaken die God nooit op die manier beloofd heeft. Kerken en gebedshuizen zullen leger en leger worden. In plaats van de prediking, die we al generaties gewend zijn, zoals: ‘Neem uw kruis op en volg Jezus’, komt er ontspanning, kunst en cultuur onze kerken binnen gelijk een invasie, en dat terwijl die kerklocaties zouden moeten zijn van bezinning, berouw en opwekking. Dit gebeuren zal merkbaar plaatsvinden juist vóór de wederkomst van de Heer.
Er zal in het bijzonder een morele terugval plaatsvinden zoals ‘Oud Noorwegen’, dat nog nooit heeft ervaren. De mensen zullen samenleven als getrouwd zijnde, maar zonder getrouwd te zijn. Veel zedeloosheid voor het huwelijk en ook veel ontrouw in het huwelijk wordt algemeen en als normaal ervaren en het wordt rechtgepraat vanuit haast elke optiek. Het zal zelfs in christelijke kringen gaan plaatsvinden en we zullen het gaan omhelzen, zelfs de zonde tegen de natuur. Vlak vóór de wederkomst van de Heer Jezus zullen er Tv-programma’s vertoond worden, zoals we nog nooit hebben beleefd. De televisie zal zo een vreselijk geweld vertonen dat het als het ware de mensen onderwijst om elkaar te vermoorden en te vernietigen. Er zal geen sprake zijn van één station (kanaal), maar de TV zal net zo zijn als de radio, ook daar hebben we vele stations (kanalen) en zij zullen gevuld zijn met geweld. De mensen in die tijd zullen dat zien als ontspanning. We zullen vreselijke scènes zien van moord en vernietiging van mensen tegen elkaar en dit werkt dan door in de maatschappij. Seks, open en bloot, zal ook te zien zijn op het scherm, zoals de meest intieme zaken, die in een huwelijk plaatsvinden. Alles wat we ooit van waarde achten, zal worden afgebroken en de meest decadente zaken zullen zich voor onze ogen afspelen.
Mensen uit arme landen zullen Europa binnenstromen (In 1968 was er helemaal nog geen sprake van immigratie). Zij zullen ook naar Scandinavië komen en Noorwegen. Er zullen er zoveel komen, dat de mensen hen gaan mijden en ze zullen zich hard tegen hen gaan opstellen. Ze zullen worden behandeld zoals men de Joden behandelde voor de tweede wereldoorlog. Dan zal de volheid van onze zonden ook bereikt zijn.
Bij deze oude vrouw stroomden de tranen over haar wangen en ze zei tegen de evangelist, die dit opschreef: “Ik zal het niet zien, maar u zult het wel zien. En dan – plotseling – zal Jezus verschijnen en de derde Wereldoorlog zal uitbreken. Het zal een korte oorlog zijn en eindigen met een nucleaire atoomboom. De lucht zal dan zo vergiftigd zijn dat men amper kan ademhalen. Deze oorlog zal over verschillende continenten gaan: Amerika, Japan, Australië en de rijke naties. Het water zal besmet raken. We zullen niet langer kunnen zaaien. Slechts een overblijfsel, een klein aantal, zal overleven. De overgeblevenen in de rijke landen zullen proberen te vluchten naar de arme landen, maar zij zullen ons net zo hard behandelen als wij met hen hebben gedaan. Ik ben zo blij dat ik dit niet zal meemaken, maar als de tijd daar is, moet u de moed hebben dit openbaar te maken en te vertellen. Ik heb dit ontvangen van de Heer en niets daarvan gaat in tegen dat wat de Bijbel ons leert.
Degene wiens zonden vergeven is en die Jezus kent als Heer en Redder, die zal veilig zijn.”
Nicholas Winton redde 700 kinderen uit Holocaust
He Saved 669 Children During The Holocaust, see here the Video: http://youtu.be/A6FlMLyf0yk
Het fantastische verhaal van Nicholas Winton, die in 1939, bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, een reddingsoperatie organiseerde waarmee hij de levens van 669 kinderen redde. Dit komt uit de documentaire “Nick’s Family” (2011). Sir Nicholas Winton is nog steeds in leven op 105-jarige leeftijd. Sir Nicholas Winton is een humanitair die een reddingsoperatie organiseerde waarmee hij de levens redde van 669 Joods-Tsjechische kinderen uit naziconcentratiekampen en ze veilig naar Groot-Brittannië bracht tussen de jaren 1938-1939. Na de oorlog bleven zijn inspanningen onbekend. Maar in 1988 vond Wintons vrouw, Grete, het plakboek uit 1939 met de complete lijst van namen en foto’s van de kinderen. Dit is een fragment van een video waarin Sir Nicholas Winton in een publiek zit van Joods-Tsjechische mensen die hij 50 jaar eerder heeft gered.
“The fantastic story of Nicholas Winton who in 1939, at the outbreak of World War II, organized a rescue operation that saved the lives of 669 children. This is from the documentary “Nick’s Family” (2011). Sir Nicholas Winton is still alive at age 105.”
“Sir Nicholas Winton is a humanitarian who organized a rescue operation that saved the lives of 669 Jewish Czechoslovakia children from Nazi death camps, and brought them to the safety of Great Britain between the years 1938-1939. After the war, his efforts remained unknown. But in 1988, Winton’s wife Grete found the scrapbook from 1939 with the complete list of children’s names and photos. This is a clip of a video where Sir Nicholas Winton is sitting in an audience of Jewish Czechoslovakian people who he saved 50 years before.”
Abortion Survivor Melissa Ohden
Het was niet de bedoeling dat Melissa Ohden ooit geboren zou worden.
Haar moeder was nog maar 18 jaar toen ze in verwachting was.
Ze liet abortus plegen.
Maar op de dag dat Melissa dood geboren zou moeten worden, hoorden de artsen een hartslag.
Ze begrepen dat het leven van Melissa de moeite waard was om te redden.
Bekijk het bijzondere filmpje hier!
MARGUERITE EN HET ‘LEGIOEN KLEINE ZIELEN VAN JEZUS BARMHARTIG HART’
Veel christenen waren in hun hart al aangesproken door dit verlangen van de heilige Theresia en zo op de weg van het geestelijk kindschap gezet. Maar de Kerk kende onder haar gelovigen nog geen beweging met de naam: “Legioen Kleine Zielen”.Om dit verlangen van de kleine Theresia te verwezenlijken heeft Jezus zelf een kleine Boodschapster gekozen: Marguerite. Vandaag mogen wij zeggen dat de weg van het geestelijk kindschap binnen de Kerk vaste vorm heeft gekregen in een zichtbare verwezenlijking, het Legioen Kleine Zielen, waarvan Jezus de stichting aan zijn kleine Boodschapster Marguerite heeft toevertrouwd.
Link: http://www.scribd.com/MARGUERITE-EN-HET-LEGIOEN-KLEINE-ZIELEN-VAN-JEZUS-BARMHARTIG-HART
Barmhartigheidszondag 27 april 2014
Op Barmhartigheidszondag 27 april 2014 is het mogelijk een volle aflaat te ontvangen.
Aan de volgende voorwaarden moet worden voldaan: 1. Binnen tien dagen voor 27 april of binnen tien dagen na 27 april gaan biechten (dit geldt in ieder geval voor de Nederlandse Kerkprovincie: het zal praktisch gezien namelijk niet lukken dat zoveel mensen op een en dezelfde dag kunnen gaan biechten). 2. De Heilige Mis bijwonen (vanzelfsprekend!). 3. De dag zelf vieren tere van Gods Barmhartige Liefde. 4. De geloofsbelijdenis bidden. 5. Die dag bidden voor de intenties van de Paus. Als aan deze 5 voorwaarden wordt voldaan: dan worden je de zonden vergeven (schuld door de zonde) en worden de zondestraffen van je weggenomen (de boetedoening vanwege de zonde).
Het belang van de bevestigingstheorie van Dr. Anna Terruwe
Met weerhoudende liefde
Het belang van de bevestigingstheorie van dr. A.A.A. Terruwe voor het Humanistisch Raadswerk,
Nico van Hal,
22 augustus 1997.
VOLGORDE VAN INHOUD
Motivatie
Inleiding
Psychische menswording
De frustratieneurose
Bevestiging als medicijn
Wat als de mens niet bevestigd is?
Hoe vindt ‘bevestiging’ plaats?
Bevestiging en zingeving
Bevestiging en raadswerk
Tenslotte
Noten
Motivatie
Sinds 1992 maak ik als fysiotherapeut gebruik van mijn scholing in de beginselen en vaardigheden van de haptonomie. Binnen de haptonomische benadering van patiënten of cliënten heeft de bevestigingstheorie van Terruwe een voorwaardelijke rol van betekenis voor de kwaliteit van het therapeutisch contact. Daar was ik mij tot op heden wel bewust van, maar dat bleef beperkt tot een subliminaal niveau: Ergens had ik wel het idee dat Terruwe mij het wezen van het intermenselijk contact had duidelijk gemaakt maar tegelijkertijd was de diepte van de eenvoud van haar theorie nog niet geheel tot mij doorgedrongen. De opdracht ter afsluiting van de cursus Systeem en Zorg aan de Universiteit voor Humanistiek bood mij de gelegenheid om deze theorie diepgaander te bestuderen dan ik tot op heden gedaan had. Mijn vooronderstelling bij de keuze van dit onderwerp luidde namelijk dat de bevestigingstheorie van Terruwe niet alleen voor de toepassing van haptonomie maar eveneens voor het Humanistisch Raadswerk van wezenlijk belang zou kunnen zijn. Om die vooronderstelling voor de lezer inzichtelijk te maken behandel ik in deze paper achtereenvolgens de levensbeschouwelijke uitgangspunten van Terruwe, het ontstaan van de bevestigingstheorie door de ‘ontdekking’ van de frustratieneurose, de bevestiging als psychotherapeutisch medium en het verband tussen ontkenning en zelfbevestiging in contrast met de bevestiging. Daarna behandel ik de bevestiging in een breder toepassingsperspectief: Wat is iemand bevestigen? Hoe vindt bevestiging plaats en hoe is de bevestiging kenbaar? en Wat is de betekenis van bevestiging voor zingeving? Daaruit volgend zal ik het mogelijk belang van de bevestigingstheorie van Terruwe voor de taakstelling en methode van het Humanistisch Raadswerk nader toelichten.
Het mag duidelijk zijn dat daar waar ik in deze paper de mannelijke vorm gebruik, ik tevens de vrouwelijke vooronderstel.
Inleiding
Het hele leven is een worsteling om de ware humaniteit. (A.A. Terruwe)
Anna Terruwe (1912) promoveert in 1949 in Leiden op haar dissertatie “De neurose in het licht der rationele psychologie”. Vanaf 1952 tot aan 1986 verschijnen er met een zekere regelmaat boeken van haar hand. Een aantal van die boeken is opgenomen in de Noten van deze paper. Terruwe behandelt daarin haar bevestigingstheorie in het licht van het leven, het (Rooms-katholieke) geloof en de opvoeding van kinderen. Dr. A.A.A. Terruwe is psychiater en dat perspectief is in haar uitgangspunten duidelijk traceerbaar.
Psychische menswording
De grondslag van haar gedachtengang wordt gevormd door “het feit, dat de mens, gelijk in alles, ook in zijn gevoelsleven een groeiend, zich ontwikkelend wezen is.” De ontwikkeling van het gevoelsleven verloopt volgens haar fasegewijs. Elke fase dient daarbij als voorwaarde voor een volgende ontwikkelingsfase. Zo ontkomt ook de ontwikkeling van het gevoelsleven volgens Terruwe niet aan de wetten zoals die gelden in de natuur waarin baby’s baby’s, kinderen kinderen en pubers pubers hebben moeten kunnen zijn, om uiteindelijk tot hun psychische volwassenheid uit te kunnen groeien.1 Terruwe noemt dit ontwikkelingsproces; ‘psychische menswording’.2 In dit proces is de mens onvermijdelijk bepaald tot “de roep van zijn diepste wezen om gelukkig te willen zijn”. Om gelukkig te zijn is het volgens haar nodig dat de mens voelt dat hij bij iemand hoort en dat hij bij iemand horen wilt.3 Een belangrijk kenmerk van psychische volwassenheid is dan de volwassen liefde, waarin men gelukkig kan zijn om de uniciteit en het welzijn van de ander.4 Om gelukkig te kunnen zijn om het welzijn van een ander is een besef van zelfwaarde een voorwaardelijk startpunt in de groei naar een psychische volwassenheid. Het besef van zelfwaarde komt voort uit de -belangeloze- ontmoeting met een ander die mij herkent en erkent in wie ik ben en anders ben. Zo zijn mensen voor hun psychische volwassenheid onvermijdelijk bepaald tot elkaar en elkaars verscheidenheid.5
Samengevat zou je kunnen zeggen dat Terruwe bij haar mensbeeld drie uitgangspunten hanteert.
In de eerste plaats vat zij het menselijk gevoelsleven op als een ontwikkelingsproces waarin te onderscheiden fasen elkaar moeten opvolgen opdat de mens de fase van de psychische volwassenheid bereikt.
In de tweede plaats gaat zij uit van een onvermijdelijke behoefte bij de mens om gelukkig te willen zijn. Deze behoefte bepaalt elke mens zodanig bij een ander mens dat daarmee de psychische volwassenwording in gang gezet wordt.
Hieruit volgt mijns inziens haar derde uitgangspunt. Om gelukkig te worden is het klaarblijkelijk nodig dat de ene mens de andere mens wil leren kennen. Specifieker; dat de ene mens het goede van de ander wil leren kennen en de ander gelukkig wil zien. Terruwe zelf tenslotte waardeert ‘het mét de ánder te kunnen zijn’ 6 als de voornaamste en meest fundamentele behoefte die de mens kent.
Hoewel haar Rooms-Katholieke levensbeschouwing zeker in aanmerking genomen moet worden, mogen we toch veronderstellen dat Terruwes levensbeschouwing in belangrijke mate bepaald wordt door haar professionele activiteiten. Met name de “ontdekking” van de frustratieneurose is van belang geweest voor haar ideeën over psychische menswording en de bevestiging die zij daarvoor nodig achtte. Het is daarom dat ik uitgebreid stil wil staan bij haar psychologische beschouwing zoals die beschreven is in haar boek ‘De frustratieneurose’.7
De frustratieneurose
Het ziektebeeld wat zij heeft onderscheiden van de tot dan toe door Freud beschreven verdringingsneurose is de frustratieneurose. Bij de frustratieneurose is er geen sprake van een verdringing maar juist van een gefrustreerd zijn van natuurlijke, sensitieve behoeften8; de gevoelsbevestiging is uitgebleven én wordt als een gemis ervaren.9 In ‘De frustratieneurose’ wordt dit geïllustreerd door de casuïstiek die voor Terruwe een directe aanleiding was om over haar interventies anders te gaan nadenken.
Het was een meisje van 25 jaar, doctoranda in de wis- en natuurkunde, uitermate intelligent, maar met een uitgesproken infantiel gebleven gevoelsleven. Zij was zeer angstig, en ik had de diagnose voorlopig gezocht in het beeld van de door energie gecamoufleerde angstneurose. Ik kon echter, ondanks mijn pogingen in die richting, niet het verdringingsmechanisme ontdekken, en er was weinig voortgang in de toestand te bespeuren. Op zekere dag zeide toen de patiënte tegen mij: ‘Dokter, al wat U doet, raakt mij niet. Ik zit al een half jaar hier bij U op de commode en steek mijn armpjes naar U uit; maar U neemt mij niet op.’10
Na deze ‘eye-opener’ ziet Terruwe in haar praktijk steeds vaker signalen die erop wijzen dat kinderen die gefrustreerd zijn geworden in hun natuurlijk verlangen naar veiligheid en tederheid een neurose kunnen ontwikkelen die duidelijk verschilt met die van andere neurosebeelden. In de loop van de tijd wordt haar door onderzoek duidelijk wat de diagnostische en therapeutische consequenties zijn van haar bevindingen.11
Omdat ik, mede op basis van mijn praktijkervaring, veronderstel dat de beschreven symptomatologie sterke overeenkomsten vertoont met hoe mensen zich kunnen voelen en zich kunnen gedragen in crisissituaties sta ik ook daar -uitvoeriger dan ogenschijnlijk het karakter van het raadswerk van mij vraagt- bij stil.
De symptomen van de frustratieneurose12 zijn volgens Terruwe:
(a) Een infantiel-egocentrisch gevoelsleven. Iemand met een infantiel-egocentrisch gevoelsleven zal steeds proberen anderen ‘naar zich te ordenen’. Dat wil zeggen dat hij zal proberen anderen zodanig te regisseren dat zij steeds rekening met hem zullen houden. In tegenstelling tot een rationele relatie (zakelijke relaties en kennissen) is er een onvermogen om met de ander een gevoelsrelatie (vriendschap) aan te gaan.
(b) Een fundamenteel gevoel van onzekerheid13. Het kind heeft het instinctief nodig te ervaren dat het niet alleen is, dat er iemand is “die zich zijn ‘zijn’ aantrekt”. Wanneer deze bevestigende aandacht (die in eerste instantie vooral lichamelijk voelbaar is) in het vroege leven gemist wordt blijft de mens in een psychisch onbevredigde toestand. Terruwe veronderstelt dat hier de diepste oorzaak (het fundament) ligt van een gevoelsonzekerheid. De andere oorzaak van hun gevoelsonzekerheid ligt in het gevoelde verschil tussen hun volwassen leeftijd en hun kinderlijke gevoelsinstelling.
(c) Een sterk gevoel van minderwaardigheid. Het gaat hierbij om een sterk gevoel van tekort te schieten ten aanzien van eigen lichaam, uiterlijk, kennis, kunde of geweten wat het gevolg is van hun onzekerheid. Terruwe: “Zij staan wantrouwig tegenover iedere genegenheid, en als men zich aan hen toewijdt en goed voor hen is, blijven zij steeds twijfelen, of men echt wel van hen houdt”.
Deze drie symptomen noemt zij “de ene zijde van het psychische beeld”.
De andere zijde wordt geformuleerd in het onderscheid wat zij maakt tussen de frustratieneurose en de verdringingsneurose. Volledigheidshalve: (d) Bij de frustratieneurose is er geen toename van angst of “energie” zoals dat bij de verdringingsneurose wel het geval is: Als bij de verdringingsneurose de angst primair is en de ontwikkeling secundair dan ligt dat accent bij de frustratieneurose net andersom. (e) Mensen die last hebben van een frustratieneurose kunnen genieten, mensen die last hebben van een verdringingsneurose daarentegen niet. De laatsten worden geremd in hun overgave aan het goede, de eersten zijn op zoek naar deze overgave. (f) Bij verdringingsneurosen is er altijd een object wat aanleiding geeft tot verdringing. Bij de frustratieneurosen is er niet zozeer een object wat aanleiding geeft tot angst maar meer het gevoel niet aangepast te zijn aan de omstandigheden .
Samenvattend zou je dus kunnen zeggen dat: Er volgens Terruwe sprake is van een frustratieneurose als iemand last heeft van een achterblijven in de ontwikkeling van zijn gevoel waarbij dat tot uitdrukking komt in het besef zich niet op een volwassen manier te kunnen verhouden tot anderen, zich onzeker en zich minderwaardig voelt. Angst, schuldgevoelens, depressiviteit en agressiviteit kunnen daar uitdrukking aan geven. Ter onderscheiding van de verdringingsneurosen wordt door Terruwe opgemerkt dat bij de frustratieneurose het verschijningsbeeld van de symptomen een statisch karakter heeft. Tevens is het opmerkelijk dat de persoon in kwestie, zoals zij dat zegt, “een vrije gevoelsinstelling ten aanzien van het zinnelijk goed” behoudt (=de mogelijkheid tot het kunnen genieten, nvh). Tot zover de psychopathologie van de frustratieneurose.
Bevestiging als medicijn
Het eerste wat iemand in zijn leven nodig heeft is een bevestiging van zijn ‘zijn’ 14. In “Geloven zonder angst en vrees” noemt Terruwe ‘bevestiging’ dan ook het meest adequate geneesmiddel voor de mens die zelf niet in staat is om goed contact te maken, die daarin angstig is of zich minderwaardig voelt.15 In eerste instantie gebeurt de bevestiging idealiter op tactiele wijze. In tweede instantie verbaal. Terruwe maakt hierbij een onderscheid tussen een vrouwelijke en een mannelijke benadering: de bevestiging door de vrouw zou meer tactiel (gevoelsmatig) van aard zijn terwijl die van de man meer verbaal (rationeel) zou zijn. Maar -zo relativeert zij dit onderscheid- gevoelsbevestiging is zowel voor de man als voor de vrouw van groot belang16: “(….)wat zij (lees: de cliënt, nvh) verlangt, en wat zij behoeft, zijn tactiele uitingen, die uit echte liefde voortkomen (…) zij moeten voelen, dat zij geaccepteerd worden(… ).” De cliënt vraagt dus a. gevoelsbevestiging door te tonen genegenheid en sympathie. Daarbij is bekwaamheid en deskundigheid van secundair belang omdat dat niet zozeer appelleert aan het gevoel van de cliënt maar meer aan het verstand. De hulpverlener -tot wie de cliënt zich als een kind verhoudt- zal met inachtneming van de verhoudingen, werkelijk sympathie (geduld, hartelijkheid, meeleven en toewijding) moeten tonen voor de hulpvrager. Maar de volwassen cliënt heeft niet genoeg aan gevoelsbevestiging alleen, die heeft ook b. de goedkeuring nodig van de therapeut. Terruwe noemt dat laatste de bevestiging van de persoon.17 De gevoelsbevestiging en de persoonsbevestiging vormen het fundament van de psychische uitgroei die overeenkomstig de natuurlijke groei18 zich fasegewijs en in geleidelijkheid zal moeten gaan voltrekken. De therapie van de frustratieneurose komt er in de woorden van A.W. Mante op neer dat “de therapeut de patiënt alsnog die waardering en zorg, liefde en tederheid schenkt, die deze in zijn jeugd heeft moeten ontberen, zodat zijn gevoelsleven zich alsnog ontplooit. Dit schenken van waardering aan de ander, waardoor die ander voelt en weet geaccepteerd te zijn zoals hij is, en goed te zijn zoals hij is, geeft hem ook zelfrespect en gevoel van eigenwaarde. Hij wordt als het ware aangemoedigd om de in hem sluimerende mogelijkheden tot werkelijkheid te laten worden en daarmede wordt hij ‘bevestigd’ in zijn ‘zijn’.”19
Wat als de mens niet bevestigd is?
Als de mens niet bevestigd is, blijft hij volgens Terruwe, altijd en noodzakelijk, zelfs tot op hoge leeftijd, nog streven naar bevestiging. Ter compensatie van een gebrek aan bevestiging door een ander, kan hij zichzelf gaan bevestigen. Dat kan iemand doen door zichzelf ten opzichte van een ander ‘groot’ te maken. Imagebuilding, statusverwerving, carrièredwang, naijver, betutteling, overbezorgdheid, achterdocht en gierigheid zijn daar relatief onschuldige voorbeelden van. Maar pogingen tot zelfbevestiging kunnen ook direct ten koste gaan van anderen. Leedvermaak, roddel, intimidatie, vandalisme, ongewenste intimiteiten, verkrachting en zelfs doodslag zijn volgens Terruwe eigenlijk ernstige pogingen tot zelfbevestiging.20 In het licht van bovenstaande is zelfbevestiging voor Terruwe daarom de grootste utopie die er in het leven bestaat.21 Zelfbevestiging in deze betekenis, beschadigt niet alleen de ander maar het ontkent tevens de goedheid en zelfs het bestaansrecht van de ander. Iedere poging om de ander niet te willen zien, niet te willen kennen is een ontkenning van de ander. Het is de ander van je afstoten en is daarmee een vorm van polarisatie, een verwijdering, die de ontmoeting en daarmee de kans op bevestiging onmogelijk maakt.
Wat is iemand ‘bevestigen’?
In ‘Bevestigend samenleven’ zegt Dr. I. Verhack dat bevestigen op de eerste plaats een ‘laten-zijn’ is.22 Het gaat hem dus om een attitude die ruimte biedt voor de eigenheid van de ander. Terruwe geeft daarvan een mooi voorbeeld in ‘Geef mij je hand’:
De man vertelde mij dat hij eens als kind op straat speelde en in een gevecht met een grotere jongen geslagen en verslagen werd. Zijn moeder had door het raam kijkend alles zien gebeuren. Huilend en schreeuwend was hij naar binnen gekomen en minuten lang vulde hij het huis met zijn gesnik. Zijn moeder bleef rustig in de kamer doorwerken. Er kwam geen woord van haar naar hem dat verwijt was of vermaning; niet ‘dat hij ook niet spelen moest met zoveel oudere jongens’; niet ‘dat hij ook niet luisteren wilde als zijn vader hem dat zei’; geen bevel tot stil-zijn nadat het huilen lang genoeg geduurd had. En eindelijk, na vele minuten, sprak ze de woorden die de jongen nooit meer vergat in zijn leven en die hem de liefde van zijn moeder zo onweerstaanbaar nabij gebracht hadden. Ze zei: “Heb je verdriet, Keesje?”23
Maar dit ‘laten-zijn’ heeft nog meer in zich dan dit voorbeeld duidelijk maakt. Het is meer dan een gedogen, meer dan een dulden, meer dan een toelaten. Bevestigen is volgens Verhack ook de andere mens als een ‘jij’ verwelkomen en opnemen in onze intersubjectieve leefwereld en ontmoetingsruimte.
In een boodschap die zij uitspreekt op zondag 21 januari 1973 voor de KRO radio zegt Terruwe het zelf zo: “Bevestiging wil zeggen: Jij mag zijn wie je bent – en zoals je bent – met fouten en gebreken – om te kunnen worden, die je in aanleg bent, maar zoals je je nog niet kunt vertonen – en je mag het worden op jouw wijze en in jouw uur (leestekens redactie radioprogramma Kruispunt, cursivering nvh).”24 Bevestiging is dus volgens Terruwe een onthulling van het wezen van de ander zodat hij kan gaan worden wie hij in potentie al is. Voor deze onthulling en voor dit wordingsproces is ruimte nodig. Verhack: “Daartoe moet diegene die bevestigt ook in zichzelf iets openen, misschien zelfs prijsgeven, om in zichzelf de ruimte voor de ander te kunnen maken.” Als ik vanuit die openheid de ander aan zichzelf bekend maak als zijnde ‘goed’ word ik onvermijdelijk eveneens zelf aan de ander onthuld als goed. Er is in de bevestiging dan ook sprake van een wederzijdse goedheidonthulling tussen mensen.25 Deze wederkerigheid gaat zover dat Terruwe, met betrekking tot de bevestiging, spreekt over “de ander onlosmakelijk aan mij binden” of “de ander onlosmakelijk vastmaken aan onszelf”. Het gaat hierbij echter wel om een binding zonder angst en dwang. Ik zou willen zeggen: Een binding in ‘weerhoudende liefde’ omdat Terruwe in de spanning van deze uitdrukking adequaat de afstand schetst tussen binding en het gewenste behoud van ieders eigenheid. Weerhoudende liefde is volgens haar namelijk; liefde of bevestiging die toegesneden is op de ontvanger. Zo is de intentionaliteit van de liefde van een ouder voor zijn kind anders dan de intentionaliteit van de liefde van diezelfde ouder voor zijn partner. Zoals Terruwe het formuleert: “…als de liefde om de een of andere reden niet ontvangen kan worden, is het de hoogste vorm van liefde, deze liefde niet te laten uitvloeien. Dit is dikwijls de liefde op haar tederst; zij respecteert de ander in zijn niet-zijn en in zijn niet-kunnen”.26 Met andere woorden: Iemand bevestigen is geen pose of een truc. Bevestigen is de ander persoonlijk in zijn ‘zijn en niet-zijn’ en in zijn ‘worden en niet-kunnen’ dienen. Bevestiging vraagt om een persoonlijk engagement.
Hoe vindt ‘bevestiging’ plaats?27
We zagen reeds eerder dat ook Terruwe ervan uitgaat dat de mens van nature behoefte heeft aan contact met andere mensen. Deze behoefte wordt volgens haar gevoed door een gevoel wat hem vraagt voor de ander(en) ‘een goed’ te zijn en om eveneens als een goed mens erkend te kunnen worden. Vanuit deze behoefte beweegt de mens zich naar de andere.
Indien diezelfde mens geconstitueerd is met de mogelijkheid tot het aangaan van gevoelscontacten kan hij een ander mens met onbaatzuchtige openheid tegemoet treden. Indien hij daarbij de ander als ‘goed’ herkent, wat een zekere mate van zelfoverstijging vraagt, en de ander deze herkenning opmerkt én ontvangen wil28, kan een sensatie van welbehagen in beiden lichamelijk voelbaar worden. Deze lichamelijke sensatie maakt het mensen mogelijk de bevestiging van een ander te leren herkennen. Bevestiging is dus lichamelijk kenbaar. Deze ervaring maakt de receptor bewust van zijn eigenwaarde waardoor het welbehagen in zichzelf verder versterkt wordt. Als de receptor zich vervolgens niet afsluit maar zich open blijft stellen, zal zijn gevoel, op zijn beurt, naar de ander toe merkbaar zijn. Indien de primaire actor zich daarvoor ontvankelijk toont is er sprake van een wederkerig gevoelscontact en daarmee van wederzijdse bevestiging.
Bevestiging en zingeving
Wanneer de bevestiging mensen voor het aangaan van contacten ontsluit (opent) dan is de mens naarmate hij zelf meer ontsloten raakt ook in staat anderen te ontsluiten en is hij in staat om zin- en waarde-onthullend op te kunnen treden. “Dit”, zegt Terruwe, “is nu waarmenselijk functioneren – en het is gelukkig zijn.”29 Bevestigen en bevestigd worden is in deze opvatting, dus echt menszijn en tegelijkertijd gelukkig zijn. Bevestigen en bevestigd worden geeft zin aan het leven omdat, zoals reeds opgemerkt is, de ervaring van wederkerigheid de vervulling is van de “meest fundamentele behoefte die de mens kent”. Iedere keer wanneer het zich voordoet zal deze zinervaring, volgens Terruwe, iets bijdragen aan de volheid van het bestaan, aan een gevoel van zekerheid en aan de ervaring van de eigen waardigheid. Door de verandering in het beleven van het ‘eigen zijn’ verandert ook het beleven van het andere zijn. Terruwe: “In dat gevoel van eigenwaarde, dat mij geschonken is, is het mij mogelijk de dingen van de wereld te onderkennen, niet alleen als goed in zich, maar als goed voor mij, (.), en als zodanig mijzelf te beleven aan de wereld der dingen: Het brengt mij tot een ‘in de wereld zijn’.”30 Psychische menswording heeft dus kennelijk ook consequenties voor de positie van waaruit het leven beschouwd gaat worden. Het brengt de mens, volgens Terruwe, van een ‘kennend zichzelf aantreffen in de wereld’ tot een ‘voelend zichzelf thuis voelen in de wereld’.31 Anders gezegd: Het brengt de mens vanuit ‘een op de wereld zijn’ tot ‘een in de wereld zijn’.
Bevestiging en raadswerk
Juist troost moet bij uitstek bevestiging inhouden, wil troost verlossen, verruimen en verblijden. (Terruwe)
De bevestigingstheorie is ontstaan uit Terruwes inzicht dat de mens de ander nodig heeft om gelukkig te kunnen worden. Bevestiging is binnen haar theorie een adequate methode voor de behandeling van mensen die last hebben van een frustratieneurose. Tot zover heeft haar theorie een psychotherapeutisch belang. Deze waarde wordt echter overstegen door het belang van de bevestiging als fundamentele zijnskwaliteit voor het menszijn in heel zijn breedte en diepte.32 Het gaat Terruwe niet alleen om de kwaliteit van de psychotherapie; haar zorg en inspanningen beogen ook de verbetering van de kwaliteit van de menselijke omgang in het algemeen. Ik zou willen zeggen: Het gaat haar om de kwaliteit van leven. Het is vanwege deze waarde dat de bevestigingstheorie, naar mijn mening, niet alleen binnen de psychotherapie of binnen haptonomische begeleiding maar ook binnen het humanistisch raadswerk serieuze aandacht verdient. Ik vermoed namelijk dat de bevestiging in het licht van een zijnskwaliteit ook bij existentiële problematiek niet alleen een noodzakelijke basisattitude is maar wellicht ook een goede methode is voor hulp bij levensvragen.
bevestiging als taakstelling
Zoals we gezien hebben veronderstelt Terruwe dat de bevestiging van het gevoel en van de persoon een facilitatie kan zijn van een open bestaanswijze. Bevestiging geeft dus toegang tot een ruimere belevingswereld. De ruimte die aldus ontstaat is het begin van de ‘psychische menswording’ die zich fasegewijs zal kunnen ontwikkelen tot een ‘psychische volwassenheid’ die gekenmerkt wordt door een volwassen, onbaatzuchtige liefde die vreugde biedt en een zich welbevinden in de wereld.33 ‘Toepassing’ van de bevestiging heeft dus volgens Terruwe een ‘ruimere belevingswereld’ en een ‘zich welbevinden’ tot gevolg. Ik merk op dat deze ‘effecten’ grote overeenkomsten vertonen met respectievelijk de ‘verruiming’ en de ‘verlichting’ die mr. dr. A.A.M. Jorna aanduidt als taakstelling voor het Humanistisch raadswerk.34 Ik meen, onder verwijzing naar en met instemming van zijn taakstelling, dat de ‘bevestiging’ dan ook als generale taakstelling van het Humanistisch raadswerk opgevat zou kunnen worden.
bevestiging: attitude en methode
Bevestiging is geen techniek, bevestigen impliceert een persoonlijke betrokkenheid op en met de ander waarbij ruimte vrijkomt voor een wederzijdse goedheidonthulling. Bevestiging als methode blijft daarmee beperkt tot de wil om de ander te leren kennen. Maar de attitude om de ander te willen kennen is wel iedere keer noodzakelijk voor de facilitatie van een gevoelscontact. Bevestiging is daarmee onvermijdelijk attitude en methode.
beperking en aanmoediging
Het effect van de facilitatie en het verloop van het contact zullen in belangrijke mate bepaald worden door de cliënt; tot hoever de cliënt zich wil laten kennen en door zijn behoefte aan bevestiging. Vanwege de wederkerigheid van het bevestigend contact zal dat eveneens gelden voor degene die bijstand verstrekt. Ook het ‘niet-kunnen’ van de raadsman limiteert de reikwijdte van de bijstand. Het tekent de kwaliteit van de hulpverlener als hij in het contact met de ander zich bewust wil worden van, en ernstig rekening houdt met zijn beperking(en). Anderszins mag de hulpverlener door de wederkerigheid van de bevestiging, erop vertrouwen dat de bevestiging niet alleen bij zal dragen aan de ontwikkeling van de cliënt maar ook zal bijdragen aan de ontwikkeling van hemzelf. Daardoor kan elk bevestigend contact een zinvolle stimulans zijn voor de ontwikkeling van deskundigheid en persoonlijkheid van raadsman en raadsvrouw.
Tenslotte
Alles van waarde is weerloos(Lucebert)
Tijdens de periode waarin ik bezig was met het schrijven van dit paper zond de IKON-televisie een documentaire uit over Ulrike Meinhof, voormalig lid van de gevreesde Rote Armee Fraktion. In het schrille contrast tussen haar ideologie en de ideologie zoals die mij van Terruwe bekend geworden was kwam ik tot het besef dat de consequenties van een mensmaatschappelijk engagement radicaal kunnen divergeren. Daar waar Meinhof haar betrokkenheid met de onderdrukten vertaalt in een gewelddadige aanval op de manco’s van het nuttigheidsstreven zoals zich dat nadrukkelijk manifesteerde in de wederopbouw van de voormalige Bondsrepubliek Duitsland, wijst Terruwe ons op de mogelijkheid om het goede, wat in potentie in ieder mens aanwezig is, te faciliteren. Daar waar Meinhof ernstig teleurgesteld raakt in de liefde en haar hoop nog slechts tot uitdrukking kan brengen in een rechtstreekse agressie tegen de exponenten van de maatschappelijke repressie, houdt Terruwe ons voor dat de liefde ons geloof waard is in de hoop op een betere toekomst.
Hoewel ik me in belangrijke mate kan verplaatsen in de frustraties van Meinhof (de valkuil van elk engagement) kies ik -als ik te kiezen heb- toch voor het liefdevolle optimisme van Terruwe omdat ik niet kan geloven in een humanere wereld als die door geweld tot stand gebracht zou moeten worden. Bij Meinhof werd haar keuze bepaald door de tegenstelling; een deel te zijn van het probleem of een deel te zijn van de oplossing. Ik meen dat als je geweld kiest als middel tot oplossing je tezelfdertijd een ernstig probleem creëert. Beter is het, volgens mij, te kiezen voor de weerhoudende liefde, laten we zeggen; voor de kunst van de onbaatzuchtige liefde, want ik geloof dat uiteindelijk slechts onbaatzuchtigheid dat kan laten bestaan wat waarde heeft.
Noten
1. De Frustratieneurose, Dr. A.A.A. Terruwe, Romen, Roermond, 1972, blz. 7-8.
2. Mens-Geworden Zijn en Bevestiging, Dr. A.A.A. Terruwe, De Tijdstroom, Lochem. 1973, blz. 15.
3. Handen op de Rug, Gesprek van Ad Langebent met Dr. A. Terruwe, De Tijdstroom, Lochem, 1974, blz. 4.
4. Zie 3, blz. 13: “pluriformiteit met name is een eis van de liefde zelf, een uitdrukking van behoeden van eigenheid van mensen onder elkaar.”
5. Interessant is het om deze gedachtengang te vergelijken met die van de Franse filosoof Levinas. Zie daarvoor bijvoorbeeld ‘Admirable commercium ofte wonderbaarlijk ruilverkeer’ van Drs. P.M. Rombaut op blz.63-68 in Bevestigend Samenleven, Prof. dr. H.Vekeman (ed.), Frank Runge, Köln (D), 1987.
6. Geef Mij Je Hand, Dr. A.A.A. Terruwe, De Tijdstroom, Lochem, 1978, blz. 23. “Het met de ander te kunnen zijn” is een citaat van Heidegger.
7. In 1962 verschijnt de eerste druk van De Frustratieneurose bij Romen in Roermond. In 1981 verschijnt de vijfde en tot nu toe laatste druk bij De Tijdstroom te Lochem. Voor deze paper gebruik ik de derde druk uit 1972.
8. Zie 1, blz. 9. En voor een kritisch commentaar op haar onderscheid tussen deze neurosen, zie onder andere haar collega Dr. J.J.C. Marlet op blz. 69-79 in Bevestigend Samenleven, Prof. dr. H.Vekeman (ed.), Frank Runge, Köln (D), 1987.
9. Geloven Zonder Angst En Vrees, Dr. A.A.A. Terruwe, Romen, Roermond, 1973, op blz. 44 staat: “De kennis van het goed in zijn prilste vorm begint in het ervaren van het gemis.”
10. Zie 1, blz. 4-5.
11. Zie 6, blz. 20.
12. Voor een uitgebreide beschrijving van de symptomatologie zie 1. blz. 11-46.
13. Op blz. 15 In Geloven zonder angst en vrees voegt zij daar aan toe dat het zou gaan om een zeer diepe levensangst.
14. Zie 1, blz. 60.
15. Zie 9, blz. 15.
16. Zie 1. blz. 61 en 68.
17. Zie 1. blz. 63.
18. “de natuur zijn gang laat gaan” (Terruwe)
19. ‘Werk en Leer van Mevr. Dr. A.A.A. Terruwe’ door Dr. A.W. Mante, blz. 21-36 in Bevestigend Samenleven, Prof. dr. H.Vekeman (ed.), Frank Runge, Köln (D), 1987.
20. Zie 2, blz. 23-24.
21. Zie 3, blz. 6.
22. ‘Een filosofische kijk op bevestiging’ door Dr. I. Verhack, blz. 51- 62 in Bevestigend Samenleven, Prof. dr. H.Vekeman (ed.), Frank Runge, Köln (D), 1987.
23. Zie 6, blz. 50.
24. Blijft het Duister nu ons Licht?, Dr. A.A.A. Terruwe, tekst van een toespraak voor het programma ‘Kruispunt” van de KRO op zondag 21 januari 1973, blz. 5.
25. Zie 2, blz. 16.
26. Zie 9, blz. 40.
27. Zie 9, blz. 34-36.
28. Zie 3, blz. 5: “Aangeraakt willen worden door de herkenning”.
29. Zie 2, blz. 17.
30. Zie 9, blz. 36.
31. Zie 2, blz. 14.
32. Zie 3, blz. 7-9. In het vraaggesprek met Langebent analyseert zij vanuit haar visie de oplossing van de gijzeling van de Franse ambassadeur in september 1974.
Zie ook 19, blz. 35.
33. Onbaatzuchtig geven en ontvangen is het geven en ontvangen zonder dat daar wat tegenover moet komen te staan. Met andere woorden dat is iemand iets schenken zonder op een tegengift te hopen of dat is van iemand iets ontvangen zonder bij zichzelf de behoefte te voelen opkomen een tegenprestatie te moeten leveren.
Onbaatzuchtig ontvangen drukt, volgens Terruwe, een grotere geopendheid uit dan onbaatzuchtig geven. Onbaatzuchtig ontvangen vereist dan ook, volgens haar, een dieper menselijk gerijpt zijn (Zie 2, blz. 19).
34. Uit mijn Collegedictaat; gemaakt op 28 mei 1997. College in het kader van de cursus Systeem en Zorg deel II, gehouden door hoofddocent Praktische humanistiek, mr. dr. A.A.M. Jorna.
Overige geraadpleegde literatuur:
Grondbeginselen van Levenskunst, Dr. A.A.A. Terruwe, Romen, Roermond, 1968
Dr. A. Terruwe en Het Menselijk Geluk, tekst van een KRO-televisieprogramma gemaakt door Willibrord Frequin, uitgezonden op 18 mei 1971
De Liefde Bouwt een Woning, Dr. A.A.A. Terruwe, Romen, Roermond, 1972
Bron: http://terruwe.clubs.nl/

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.